Normatief criterium


De onderzoekscommissie die onderzoek deed naar de problematiek van zorgaanbieder Philadelphia is van mening dat de problematiek van Philadelphia primair is veroorzaakt door de Raad van Bestuur en secundair door de Raad van Commissarissen. Iedere onderzoekscommissie oordeelt over de vraag wie of wat schuldig is aan de problematiek waarbij de onderzoekscommissie een aantal normen hanteert op basis waarvan betrokkenen worden beoordeeld. In het onderzoeksrapport is gezocht naar de normen die de onderzoekscommissie hanteert om haar oordeel dat sprake is van falen van de bestuurders op te baseren. Hiertoe is in het onderzoeksrapport aangegeven welke passages op normen duiden. Dit is nodig omdat de onderzoekscommissie zelf geen normatief kader verantwoordt in het onderzoeksrapport. Ook wordt in het rapport gezocht naar de norm die bepalend is voor het normatieve criterium. Dit normatieve criterium is de door Hannah Arendt geformuleerde norm ‘hoe iemand met dezelfde bekwaamheden en eigenschappen in dezelfde situatie gehandeld zou hebben’ of, in woorden van het maatman-criterium, de ‘redelijk handelende en bekwame beroepsbeoefenaar’.
Uit het onderzoeksrapport blijkt dat de onderzoekscommissie de volgende normen hanteert:
De norm van de ‘redelijk handelende en bekwame bestuurder’ is door de onderzoekscommissie niet gehanteerd.